Stub-born 1: Wandelen

Posted on Sep 16, 2016

‘Je hebt haar hoe ver laten lopen?’ zegt Camilla, als ze die avond terugkomt van haar werk.

‘Het is psychologie,’ zegt Arnout. ‘Als je zegt wat ze niet mag en wat ze niet kan, dan gaat ze het juist doen. Er is maar één manier om met deze situatie om te gaan en dat is door te zeggen: ‘Tuurlijk, schat. Weet je het zeker, schat?’ En haar dan gewoon haar eigenwijze gang te laten gaan.’

.:.

‘Laten we gaan wandelen,’ zei ik die ochtend tegen Arnout. We moesten naar de bank. De lucht was blauw. De zomer deed een toegift. Ik had een goed humeur.

‘Wandelen,’ zei Arnout.

‘Wandelen,’ zei ik.

‘Schat,’ zei Arnout. ‘Weet je het heel zeker?’

‘Hoezo, weet ik het zeker?’ zei ik.

‘De bank is 3,5 kilometer,’ zei Arnout. ‘Heen en terug. Over een berg. Het is 29 graden. En je bent, ik weet niet of het je is opgevallen, min of meer 8 maanden zwanger.’

‘Ik vind het leuk om mezelf uit te dagen,’ zei ik.

We gingen wandelen.

.:.

Ik dacht aan Duitsland. Zes weken eerder waren we daar op vakantie geweest, in het Brocken-gebergte. En vitaal dat ik was. Berg op, berg af, als een Brockense berggeit. Oké. Een mild astmatische berggeit misschien. Met een kreupel pootje. Die een groot deel van het gebergte opgehesen moest worden door haar geliefden. Maar dat zei mijn herinnering er op dat moment niet bij.

Hijgend stond ik stil. We waren nauwelijks halverwege. Ergens in mijn hoofd klonk een push-melding. ‘Hallo,’ zei de push-melding. ‘Ik ben een eerder geleerde les.’

‘Ben je jezelf nog steeds aan het uitdagen?’ zei Arnout. ‘Of zal ik de auto halen?’

Ik klikte de melding weg.

.:.

Thuis ging ik op de bank zitten, met voeten zo dik als oliebollen. En de spotlight van zelfbesef, recht op mijn rode hoofd.

‘Oké,’ zei ik. ‘Mocht ik nog eens een geniaal idee hebben, kun je dan alsjeblieft zeggen: het is 7 kilometer lopen, schat. Het is 29 graden, schat. En je bent, mocht het je niet zijn opgevallen, min of meer 8 maanden zwanger.’

‘Dat is goed, schat,’ zei Arnout en ging water voor me halen.

.:.

Ik ken vrouwen die negen maanden zwanger zijn verschrikkelijk lang vinden. Maar geloof me, als je eigenwijs bent, dan vliegt die tijd voorbij.

Bovendien heeft niemand iets gezegd over zes kilometer.